Het hof van beroep van Gent boog zich in een arrest van 26 april 2024 over een dossier rond mensenhandel met het oog op seksuele uitbuiting met verzwarende omstandigheden en pooierschap ten aanzien van meerdere Roemeense slachtoffers. 

De correctionele rechtbank van Brugge had eerder in een vonnis van 10 mei 2023 geoordeeld dat de feiten van mensenhandel met verzwarende omstandigheden bewezen waren ten aanzien van twee beklaagden. Een derde beklaagde werd vrijgesproken voor mensenhandel maar werd veroordeeld voor pooierschap. Die laatste en het Openbaar Ministerie tekenden beroep aan. 

In het dossier werden jonge Roemeense meisjes met een smoes meegelokt naar België. Ze waren verliefd op een van de beklaagden en dachten dat zij een job als schoonmaakster zouden krijgen. Zodra zij in België aangekomen waren, werden ze opgesloten in een hotelkamer en moesten ze zich prostitueren. Er werden seksadvertenties van hen online geplaatst en ze ontvingen de klanten in het hotel. Zij moesten werken van ’s morgens tot ’s nachts, zij werden geslagen en bedreigd en ze mochten geen beschermingsmiddelen gebruiken. Het verdiende geld werd door de huidige beklaagde (oorspronkelijk de derde beklaagde) dagelijks opgehaald in het hotel en wekelijks naar Roemenië gebracht zodat het niet door de politie kon worden gevonden tijdens controles in het hotel.  

Volgens de eerste rechter ging de derde beklaagde wel het geld ophalen en was hij op de hoogte van de prostitutieactiviteiten maar kon er niet met voldoende zekerheid worden vastgesteld dat hij instond voor de werving, het vervoer, de overbrenging, de huisvesting of de opvang van de meisjes, noch dat hij controle over hen had. Hij werd wel veroordeeld als mededader voor de uitbuiting van de prostitutie van een meisje.  

Het hof van beroep bevestigde de vrijspraak voor mensenhandel maar achtte hem wel schuldig als mededader voor de uitbuiting van prostitutie met verzwarende omstandigheden van een van de slachtoffers. Door het herhaaldelijke ophalen van de dagopbrengsten van de prostitutieactiviteiten nam hij deel aan de uitbuiting. Hij wist goed genoeg dat de andere beklaagden de pooiers waren van de meisjes.  

Hij werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes maanden met uitstel en tot een geldboete van 8.000 euro. Payoke kreeg geen schadevergoeding omwille van de vrijspraak voor mensenhandel. Het slachtoffer kreeg een materiële schadevergoeding van 10.000 euro en een morele schadevergoeding van 1.192 euro.