Bevolking en bewegingen
Twee soorten statistieken brengen de algemene cijfers over immigratie en de vreemde populatie in kaart. Stocks verwijzen naar de personen die op een bepaalde datum op het Belgische grondgebied aanwezig zijn. Migratiestromen verwijzen naar de bewegingen van bevolkingsgroepen: de immigraties van personen die het Belgische grondgebied binnenkomen en de emigraties van personen die het Belgische grondgebied verlaten in de loop van een bepaald jaar.
België heeft in 2024 194.212 immigraties geregistreerd (waaronder 22.506 van Belgische onderdanen), goed voor een heel lichte daling (-0,3%) ten opzichte van 2023. Toch blijft het totale aantal immigraties hoger dan het niveau dat vóór de COVID-19-pandemie werd waargenomen (174.591 in 2019 en 166.894 in 2018). Voor het derde jaar op rij blijft de immigratie als gevolg van de oorlog in Oekraïne de migratiedynamiek in België beïnvloeden. Zo zijn derdelanders talrijker dan EU-burgers onder de nieuwkomers, een situatie die vóór 2022 ongebruikelijk was.
Op 1 januari 2025 verbleven er 11.825.551 personen officieel in België, onder wie:
- 1.634.924 buitenlanders
- 10.190.627 Belgen
Van die 10.155.943 Belgen zijn:
- 7.571.338 personen van Belgische herkomst
- 2.619.289 personen van buitenlandse herkomst zijn
Op 10 inwoners in België:
- zijn er 8 Belgen van wie de eerste nationaliteit de Belgische is,
- heeft er 1 een buitenlandse nationaliteit,
- heeft er 1 een buitenlandse eerste nationaliteit en die is Belg geworden.
- 171.706 vreemdelingen zijn in 2024 naar België geïmmigreerd, versus 91.866 emigraties. Ten opzichte van het jaar voordien is de vaststelling dat de buitenlandse immigraties en de buitenlandse emigraties vrijwel stabiel zijn gebleven.
- Bij derdelanders werden er in 2024 voor 10 immigraties naar het Belgische grondgebied 3 emigraties geregistreerd. Die verhouding is bij EU-burgers 10 voor elke 7.
- Bij Belgen staan er tegenover 10 immigraties 16 emigraties.
47% van de buitenlandse immigraties betreft vrouwen. Dat aandeel varieert sterk volgens de herkomstregio van de immigranten.
Bij de personen afkomstig uit lidstaten die sinds 2004 tot de EU zijn toegetreden zijn mannen in de meerderheid.
Bij de migratiebewegingen afkomstig van landen in Oost-Azië of Latijns-Amerika en de Caraïben daarentegen maken vrouwen de meerderheid uit.
48% van de buitenlandse immigraties is afkomstig van een EU-land, 14% van een Europees land buiten de EU en 17% van het Aziatische continent.
Daarnaast betreft 16% het Afrikaanse continent en 5% het Amerikaanse continent.
Bij de voornaamste nationaliteiten staat Roemenië op de eerste plaats met 18.845 immigraties, oftewel 11% van alle buitenlandse immigraties, gevolgd door Frankrijk (8%), Oekraïne (7%), Nederland (5%), Spanje (4%) en Marokko (4%).
29,4% van de buitenlandse immigranten is gevestigd in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, terwijl 16,6% onder hen in de provincie Antwerpen verblijft.
De gemiddelde leeftijd van de immigranten blijft stabiel tussen de provincies onderling, variërend van 27,4 jaar (Namen) tot 34,2 jaar (Limburg). Emigranten blijken doorgaans ouder te zijn met een gemiddelde leeftijd die schommelt tussen 31,3 jaar (Luxemburg) en 34,2 jaar (Limburg).
In België staan Fransen en Roemenen geregeld op de eerste plaatsen, zowel bij de buitenlandse immigraties als bij de buitenlandse emigraties, met variaties naargelang de provincies.
159.060 eerste verblijfstitels werden afgeleverd aan personen met een buitenlandse nationaliteit die in België verblijven. Dat aantal omvat de personen die in België zijn geboren.
Tussen 2022 en 2024 is het aantal eerste verblijfstitels gedaald met 17%. Dat komt door de terugval van het aantal immigraties van personen die de oorlog in Oekraïne ontvluchten.
58.830 eerste verblijfstitels werden afgeleverd aan immigranten die EU-burgers zijn.
Redenen die verband houden met een bezoldigde activiteit (51%) vormen het voornaamste verblijfsmotief voor deze groep, gevolgd door gezinsredenen (24%) en studieredenen (8%).
Voor immigranten die derdelanders zijn, werden er 80.576 eerste verblijfstitels toegekend, een lichte stijging (+3%) ten opzichte van 2023.
Het aantal eerste verblijfstitels afgeleverd in het kader van tijdelijke bescherming voor personen die vluchten voor de oorlog in Oekraïne blijft groot en komt in 2024 uit op 11.636.
Bij derdelanders staan gezinsredenen op de eerste plaats in de lijst van de motieven voor de afgifte (34%), gevolgd door internationale bescherming (16%), tijdelijke bescherming (14%), studieredenen (13%) en bezoldigde activiteiten (10%).
Er vonden 3.894 wijzigingen van verblijfsstatuut van derdelanders plaats in 2024.
61,7% van de gevallen betrof studenten die een nieuwe verblijfstitel hebben gekregen voor een bezoldigde activiteit of voor gezinsredenen.