De recente evolutie van het recht op gezinsleven

In 2016 kregen in België 50.928 personen een eerste verblijfstitel om familiale redenen: 71% daarvan zijn (klein)kinderen – al dan niet in België geboren – en 27% komt voort uit gezinshereniging van partners. Die cijfers tonen aan dat bij de motieven voor de aflevering van verblijfstitels in België familiale redenen een belangrijke plaats innemen. De hervormingen van 2011 verscherpten de toegangsvoorwaarden tot het recht op een gezinsleven en dat vertaalt zich in een daling van gezinsherenigingen met Belgen en gezinsherenigingen van Turkse en Marokkaanse onderdanen.

Myria is sinds 2017 operationeel partner van UNHCR, de VN-vluchtelingenorganisatie, inzake de gezinshereniging van begunstigden van internationale bescherming. Die hebben het vaak extra moeilijk om een gezinshereniging rond te krijgen. In de focus van het rapport analyseert Myria enkele actuele thema’s in verband met die doelgroep. Daarnaast wordt ook de evolutie van het recht op een gezinsleven in het kader van de Dublin-verordening geanalyseerd en hoe dat ook in Europa kan leiden tot de scheiding van gezinnen. Ook het belang van het gezinsleven van ouders en hun kinderen en hoe de huwelijkskeuze evolueerde in de Marokkaanse en Turkse gemeenschap komen aan bod.

Artikel 3 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens in het licht van onder meer de Soedankwestie

De Soedankwestie en de intercepties en repatriëringen van transmigranten brachten een aantal cruciale pijnpunten aan het licht rond de interpretatie van het non-refoulementprincipe. Hierdoor stond artikel 3 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens in het brandpunt van de actualiteit. Dat stelt dat ‘niemand mag worden onderworpen aan folteringen of aan onmenselijke of vernederende behandelingen of bestraffingen’. Dat betekent onrechtstreeks dat een vreemdeling niet mag teruggestuurd worden naar zijn thuisland als hij daar vervolgd dreigt te worden of zijn leven of veiligheid er in gevaar is. Myria stelt vast dat de vreemdelingenwet geen systematische procedure voorziet die een zorgvuldige toepassing verzekert van dat nonrefoulementbeginsel en doet aanbevelingen ter zake.

De rol van de gemeenten als eerstelijnsactor in verblijfsprocedures

In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van oktober 2018 heeft Myria ook de gemeentelijke praktijken in het licht van het respect van de grondrechten gehouden. De gemeente is een onderbelichte maar cruciale eerstelijnsactor inzake het verblijf van vreemdelingen. Vaak vormt ze de enige toegangspoort tot de autoriteiten. In 2017 kreeg Myria 1.236 concrete vragen om juridisch advies of bijstand. Gewapend met die terreinkennis stelt het zich ernstige vragen rond een aantal praktijken die door gemeenten worden gehanteerd.